Een ander gevolg van de wetenschappelijke revolutie was de

 

 

Een ander gevolg van de wetenschappelijke revolutie was de
verlichting. De verlichting was een stroming waarbij wetenschappers en
filosofen gingen nadenken over de beste manier van samenleven.  Mensen gingen over andere zaken nadenken. De
wetenschappers kregen veel invloed op de mensen. Ging men wel op de juiste
manier met elkaar om? Moest een koning alles alleen beslissen? Of mocht de
bevolking ook meebeslissen? De Wetenschappelijke Revolutie leidde zo tot de
verlichting.

Verlichting

We Will Write a Custom Essay Specifically
For You For Only $13.90/page!


order now

 

Isaac Newton zat op een avond onder een boom, tot er een appel uit
de boom viel. Dat zette hem aan het denken. Hij kwam tot de conclusie dat er
verschillende krachten waren die er voor zorgen dat bepaalde zaken altijd
hetzelfde zijn. De zwaartekracht is een van die krachten.

Galileo Galilei ontdekte met zijn telescoop allerlei dingen. Waaronder
bewijzen voor het feit dat de zon niet om de aarde draaide, maar andersom. Ook
ontdekte hij dat de maan een niet perfect
onbevlekt hemellichaam was, maar dat ze vol met kraters en kloven zaten. Galileo
Galilei heeft er dus eigenlijk voor gezorgd dat we met andere manier naar het
heelal kijken.

De wetenschap ging op den duur een belangrijke plaats innemen in
de samenleving. Er kwam door de wetenschappelijke revolutie een grote
vooruitgangen op veel gebieden. Oftewel op heel veel wetenschappelijke
terreinen zoals geneeskunde, natuurkunde, scheikunde, enzovoort, kwam een hele
grote vooruitgang. Een aantal voorbeelden:

Grote vooruitgangen

De wetenschappelijke revolutie resulteerde in nieuwe informatie
over de wereld en het universum, nieuwe informatie over medicijnen, nieuwe
technieken voor navigatie en de oprichting van een internationale
wetenschappelijke gemeenschap. Het grootste gevolg van de wetenschappelijke
revolutie, was echter de nieuwe wereldbeeld dat naar de vergevorderd men
vervangen. Niet langer was Europa gebonden aan traditie, klassieke teksten en
bijgeloof.

 

1.4 Welke
gevolgen had de wetenschappelijke revolutie en hadden de wetenschappelijke
doorbraken in die periode?

 

 

 

 

 

 

Nauwkeurige bestudering van het menselijk lichaam
bracht inde de fysiologie nieuwe ideeën en concepten

Anatomie
begon een vorm te krijgen. Anatomie
is een vakgebied waarin men zich bezighoudt met
de structuur, functie en ontwikkeling van de cellen, weefsels en organen
waaruit het dierlijk en menselijk lichaam is samengesteld. Men ging steeds meer onderzoek
doen naar hoe het menselijk lichaam in elkaar steekt. Door nauwkeurige
bestudering van het menselijk lichaam, ontstond het moderne anatomie. Andreas Vesalius
wordt beschouwd als de grondlegger van de moderne menselijke anatomie.

Anatomie

 

 

 
Het heliocentrisch wereldbeeld van Copernicus.

 

 

 

 

 

 

 

 

Ook
een belangrijk doorbraak is dat men hadden uitgevonden dat de zon het
middelpunt van het universum is, en dat de planeten eromheen draaien, dit in
tegenstelling tot het destijds gebruikelijke geocentrische wereldbeeld, waarbij
de aarde werd geacht het centrum van het heelal te vormen. Dit wordt de
heliocentrische theorie genoemd. Nicholaas Copernicus wordt beschouwd als de
grondlegger van deze theorie. Door deze theorie werd het wereldbeeld en de
astronomie aangepast.  Door de bloei van de astronomie werden weer andere
wetenschappen gestimuleerd die nodig waren voor haar ontwikkeling. Deze vernieuwde
inzichten hadden een grote invloed op de wijze waarop de mens zichzelf en zijn
plaats in de wereld ging beschouwen.

Heliocentrische theorie

 

Dit wetenschappelijke onderzoek karakteriseerde zich dus door meer
aandacht voor de waarneming, het herhalen van experimenten,  en het onderzoeken van processen
naar oorzaken en gevolgen. Het zoeken
naar nieuwe onderzoeksmethodieken heeft te maken dat het steeds duidelijker dat
de oude ideeën over de kosmos van de oude Grieken niet meer met waarnemingen te
onderbouwen waren. Door deze vragen en problemen (er klopt iets
niet, maar hoe kunnen we nu zoeken naar wat en wanneer weten we dat zoiets waar
is?) ontstonden formuleringen over de eisen die wetenschap aan zichzelf diende
te stellen.

 

-Observeren (zelf
waarnemen, kijken wat er gebeurd)
-Experimenteren (zelf proeven doen)
-redeneren ( zelf nadenken over wat er is gebeurd, zelf conclusies trekken uit
observaties en experimenten).

 Belangrijke kenmerken waren:

 

Een van de
belangrijkste doorbraken was de ontwikkeling van nieuwe methoden van
wetenschappelijk onderzoek.

Nieuwe methoden van wetenschappelijk
onderzoek

 

In de wetenschappelijke revolutie waren er
veel doorbraken. In dit hoofdstuk ga ik de belangrijkste doorbraken bespreken
die het meeste invloed hadden gehad in de geschiedenis.

 

1.3 Welke
wetenschappelijke doorbraken waren er in de wetenschappelijke revolutie?

Door de boekdrukkunst werd steeds meer informatie
beschikbaar tot de mens.

 

 

 

 

Als belangrijkste oorzaak
kan de boekdrukkunst worden gezien, die ervoor zorgde dat wetenschappers in
korte tijd een groot publiek konden krijgen. Een ander oorzaak van de wetenschappelijke revolutie
is dat de mens door ontdekkingsreizen veel meer van de wereld zag. Europeanen
kwamen in aanraking met compleet volkeren, natuurgebieden en grondstoffen. Hoe
de mens over de wereld dacht moest wel veranderen. De toenemende welvaart was ook
belangrijk voor het ontstaan van de wetenschappelijke revolutie. Geleerden
werkten ook samen, zij gingen verder met onderzoek dat al eerder gedaan was.

Oorzaken

 

Dit waren een paar van de meest belangrijke factoren dat liet de
wetenschappelijke revolutie gebeuren.

De uitvinding van nieuwe instrumenten. Met de uitvindingen van dingen
zoals de telescoop en de microscoop werd het mogelijk om dingen te observeren
die eerst niet geobserveerd konden worden. Dit maakte duidelijk dat er dingen
waren waar vorige theorieën niet op konden rekenen.

Renaissance kunst. Kunstenaars tijdens deze tijd begonnen meer aandacht
te besteden aan dingen zoals menselijke anatomie en de natuurlijke wereld. Dit
legde meer nadruk op de wetenschappelijke observatie. Dat leidde tot de
bevordering van de wetenschap.

Kennis van de Grieken. In de tijd voor de wetenschappelijke
revolutie,  gingen geleerden Grieks
bestuderen. Dit maakte duidelijk dat er oude denkers waren die wetenschappers
en filosofen betwijfelde zoals Aristoteles wiens zijn werk onbetwist was in de
middeleeuwen.

De
hervorming. De protestante vernieuwingsbeweging
in de 16e eeuw, mede uit protest tegen misbruiken in de katholieke kerk. Dit
heeft de mensen geholpen om te beginnen te denken over dingen in
wetenschappelijke manieren in plaats van afhankelijk van de kerk te zijn om hen
te vertellen wat de waarheid was.

Het is nooit
helemaal mogelijk om er zeker van te zijn waarom bepaalde historische
gebeurtenissen zijn gebeurd. Het is niet mogelijk om te weten waarom mensen in
nieuwe manieren begonnen te denken. Dat gezegd, er zijn vele factoren dat
leidde naar deze ”revolutie”. Een aantal factoren zijn:

 

1.2 Hoe is
de wetenschappelijke revolutie ontstaan?

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De behoefte aan een nieuwe wetenschap aan het eind van de
middeleeuwen wordt vaak uitgedrukt als de wetenschappelijke revolutie van de 17e
eeuw. Het was eigenlijk een ander soort revolutie dan die we kennen.  Het was een breed cultureel
vernieuwingsproces dat traag en geleidelijk verliep, in plaats van stormachtig.
Deze revolutie begon aan het einde van de 15e eeuw , kende een
bloeiperiode in de  17e eeuw
en duurde voort tot ver in de negentiende eeuw.

Aan het eind van rond de vijftiende eeuw ontstond in Europa
de behoefte aan een nieuw wereldbeeld en natuurvisie. Er waren veel belangrijke
uitvindingen en ontdekkingen zoals de telescoop en microscoop. Ze vormden een
enorme uitbreiding van de leefwereld en de waarnemingsmogelijkheden

De wetenschappelijker revolutie is een periode in de
geschiedenis waarin men overging van klassiek-religieuze ideeën naar
modern-wetenschappelijke ideeën. In die periode begon de mentaliteit van de
mensen te veranderen. Commercieel ondernemerschap steeg sterk in aanzien. De
nieuwe mentaliteit kwam niet alleen tot uiting in de handel of in de kunsten,
maar ook in filosofie, met name in de natuurwetenschap. Er vond een verreikende
verandering plaats in de beschouwing in de natuurkunde, wiskunde, sterrenkunde,
scheikunde, en biologie en op de manier waarop deze wetenschappen bedreven
werden.